Van kortharige honden wordt meestal gedacht dat ze niet in de trimsalon thuishoren, maar kortharige vachten, zoals die van een labrador, dalmatiër en dobermann kunnen flink verharen. Hieronder leest u waarom en wat ik hier eventueel aan kan doen in de trimsalon.

Niet alle haren van de hondenvacht bevinden zich in hetzelfde stadium in de haargroeicyclus; anders zouden alle haren tegelijk uitvallen met als gevolg een vachtloze hond. Vandaar dat deze honden vrijwel het hele jaar door haar verliezen. Van nature hebben kortharige honden tweemaal per jaar een echte verhaarperiode die tot 6 weken duurt, namelijk in de lente en herfst. In deze periode wisselt de kortharige hond zijn wintervacht naar zijn zomervacht of van zijn zomervacht naar zijn wintervacht. Uiteraard beïnvloeden weersomstandigheden deze periode, maar ook het overwegend binnenshuis houden van de hond en het overdreven borstelen van de vacht kunnen invloed hebben in dit ruiproces.

Het borstelen van een kortharige hond buiten de ruiperiode dient zoveel mogelijk vermeden te worden, aangezien u niet alleen de dode haren maar ook de levende (dus vaste) haren uit de hond borstelt. Deze vaste haren worden al snel door de vacht vervangen met als gevolg dat er een onregelmatig vachtpatroon ontstaat, welke een constante rui creëert.
Een wasbeurt in combinatie met het droogblazen van de hond in de trimsalon kan de ruiperiode aanzienlijk verkorten. Dit is zowel ten gunste voor de hond als de baas..